Uitgenodigd bij een Marokkaanse familie, wat neem je mee?

Een tijdje geleden zag ik de zoekvraag: ‘Uitgenodigd bij een Marokkaanse familie, wat neem je mee?’ bij de statistieken van mijn blog staan. Ik weet zeker dat ik nog nooit antwoord heb gegeven op die vraag. Een gemiste kans vind ik, omdat ik best een antwoord weet te geven. En ook jammer voor degene die de zoekvraag intypte en op mijn blog geen antwoord vond. Gelukkig kan ik die gemiste kans makkelijk veranderen naar de uitdaging om weer een nieuwe blogpost te schrijven. Stel ik de toenmalige zoeker er niet meer mee tevreden, wie weet dan een ander wel…

suikerbrood

Om eerlijk te zijn, ik word niet zo vaak uitgenodigd bij een Marokkaanse familie in Nederland en als dat gebeurt neem ik waarschijnlijk mee wat ik gewoonlijk naar een bezoek mee zou nemen. Iets lekkers, bloemen, een leuk aandenken. Ben je op zoek naar een cadeautje dat meer traditioneel is, dan kan ik je alleen informatie geven uit de kennis die ik in het zuiden van Marokko heb opgedaan. Het is dat je het weet, omdat de meeste mensen van Marokkaanse afkomst hier in Nederland, hun wortels in het noorden van Marokko hebben liggen. Soms botsen noord en zuid weleens, dus weet ik niet zeker of een cadeau dat de traditie uit het zuiden volgt, ook in het noorden van Marokko wordt gehanteerd…

Nu heb ik nog steeds geen antwoord gegeven op de brandende vraag: Wat neem je mee als je bij een Marokkaanse familie op bezoek gaat? Met het bovenstaande in acht genomen vertel ik je bij deze wat IK zou meenemen als ik niet koos voor iets lekkers, bloemen of een leuk aandenken. Volgens de traditie kies ik dan voor het suikerbrood, oftewel suikerhart. Dat is geen brood en ook geen hart. Het is een groot stuk suiker in de vorm van een pilaar. Deze suiker wordt cadeau gegeven bij huwelijksaanzoeken, trouwfeesten en als je bij iemand op bezoek gaat. Ik heb ze zelfs met grote aantallen gezien bij het verplichte overlijdensbezoek.

Qelb sukar (de q staat voor een keel-k-klank), het zogeheten suikerhart. De suiker van dat suikerhart is zó zoet, dat je er maar weinig van nodig hebt in de welbekende mierzoete Marokkaanse (munt)thee. De suiker is zó hard dat je een steen of hamer nodig hebt om er stukken vanaf te halen. Dat is dan ook wat er wordt gedaan als het suikerhart in gebruik wordt genomen. En dat is geen eenvoudig klusje. De suiker kan daarbij alle kanten op schieten. Na het stukslaan van de suiker berg je de stukken suiker op in een doos. Dat ze niet altijd dezelfde grootte hebben is misschien wel een bijzondere bijkomstigheid. De thee smaakt dan niet bij iedere gelegenheid even zoet…

Wat ik zelf zou meenemen als ik bij een Marokkaanse familie in Nederland werd uitgenodigd? Ik denk niet direct één of meer van die suikerharten. Dat hangt waarschijnlijk af van de mensen die ik bezoek en hoe goed ik ze ken. Als dat bezoek een formeel of traditioneel tintje heeft, ja dan zal ik geneigd zijn een aantal van die harten of broden mee te nemen. Er op zijn minst aan denken. Anders neem ik gewoon iets mee dat ik ook mee zou nemen als ik iemand bezoek die niet van Marokkaanse afkomst is. En waarom niet?

Wat neem jij mee als je wordt uitgenodigd (bij een Marokkaanse familie)?

Dam tot Damloop 2016

“Zenuwachtig hoef je niet te zijn als het je toch niet om winnen gaat”. Dat zei mijn zoon tegen mij in de week voorafgaand aan de Dam tot Damloop. Makkelijk gezegd. Ik kon niet ophouden erover te praten. Daaraan konden mijn gezinsleden toch een bepaalde spanning merken. Nee, ik hoefde niet te winnen natuurlijk. Wel wilde ik graag de tweede Dam tot Dam overwinning in mijn leven behalen. Toch een soort van winnen waar best wat zenuwen bij komen kijken.

bij-de-start-2016

De spanning werd groter na het mailtje van de Dam tot Dam organisatie waarin werd gewaarschuwd voor het warme weer. 21 graden, warm? Een felle zon tijdens het lopen kan er wel voor zorgen dat het hartstikke warm aanvoelt. Dan maar wat rustiger aan doen dacht ik, en liet de wens om binnen de twee uur te finishen maar snel vallen. Uitlopen en niet naar de klok kijken is toch het allerbeste.

Rond half tien op de bewuste zondagochtend vertrok ik met de fiets naar het Centraal Station waar de tasseninname plaatsvond. Heel handig, je kunt droge kleding en eventueel wat te eten en drinken naar Zaandam laten vervoeren. Vorig jaar had ik me na de finish een ongeluk gezocht naar de plek waar je die tas kon ophalen. Nu wist ik dat deze plek heel dichtbij de finish was. Peperstraat links de hoek om, stukje verder lopen en daar stonden de tassen mooi geordend op startnummer. Dit even als praktische informatie voor wie ooit nog eens mee wil doen.

Bij zowel de tasseninname, de toeloop naar de startvakken en in de startvakken zelf merkte ik meer chaos dan het jaar ervoor. Er stonden lange rijen, waren er misschien meer deelnemers? Leek me nogal raar omdat het evenement altijd is volgeboekt. Toiletten stonden niet handig opgesteld, startvakken niet recht en de vlagaanduiding voor de bewuste vakken was ook niet zo duidelijk. Ik wachtte nog op Deborah, over wie ik al verteld heb in de blog die ik vorige week schreef, die beloofd had bij zowel start en finish te staan. Gelukkig kwam ze net op tijd en ik kon gaan. ‘Rustig doen Japke’ zei ik een paar keer tegen mezelf.

In de IJtunnel stonden de propellers van de luchtventilatie niet aan zoals vorig jaar wel het geval was. Bij de start hadden ze het nog gezegd: “Ga niet te hard in die tunnel anders blaas je jezelf op en dan moet je nog 15 kilometer”. Nee, dat zou ik zeker niet doen! De GPS van mijn sporthorloge ging uit in de tunnel dus ik kon niet meten hoe hard ik ging. Toen ik eens goed aanvoelde hoe de sfeer daar binnen was kon ik niet anders concluderen dan: sauna. Achteraf was mijn snelheid ongeveer 13 minuten per kilometer. Niet onverstandig.

dtd-met-deborah
Bij de finish samen met Deborah

De rest van de loop ging aan me voorbij als een droom, lijkt me nu achteraf wel. Niet dat ik het onbewust heb meegemaakt, dat niet. Ik herinner mij nog duidelijk de kinderen die hun handjes uitreikten naar de lopers, bewoners langs de route die water en zelfs koek en snoep uitdeelden, het parcours dat nu de tweede keer al herkenbaar voor mij was, de dj’s en voorstellingen langs de weg, de meest zware momenten van de route en dan de finish met zeer veel publiek langs de hekken. En niet te vergeten alweer Deborah, die me bij de finish stond op te wachten.

Of het zwaar was? Ja en nee. Voor het grootste deel van de loop heb ik genoten, hoewel er momenten waren dat ik het idee had dat ik stuk ging. Het zwaarste punt was voor mij rond de 13 kilometer. Toen mocht het van mij wel voorbij zijn. Toch vielen de laatste loodjes weer mee. En als daar dan uiteindelijk staat voorbij de finish, ben je nog wel een tijdje in de roes van de overwinning. Het gaat  dus toch om winnen, wat wie dan ook ervan mag zeggen!

Volgend jaar weer? Ik ben nu in het trotse bezit van twee Dam tot Dam medailles. Ik denk dat ik wil gaan voor de vijf. Mooi streven toch? Daarna zien we wel weer…

dtd-medailles

Mijn week voorafgaand aan de Dam tot Damloop 2016

japke-na-de-finish
Dam tot Damloop 2015 na de finish (foto gemaakt door Deborah)

Deborah loopt helaas niet mee dit jaar. Echt heel jammer. Het zou vast weer leuk worden als ze wel ging. Hopelijk is ze volgend jaar wel weer van de partij. En ik ook!

Deborah werd mijn vriendinnetje tijdens het Dam tot Dam evenement van 2015. Ontmoet voor de start en elkaar tijdens de loop steeds in het oog gehouden. Door omstandigheden doet ze dit keer niet mee. Dat is mij ook al eens overkomen. Ze heeft me gezegd dat ze voor de start komt aanmoedigen. En bij de finish in Zaandam zal ze er ook staan. Hoe dan ook, tijdens de route zal ze erbij zijn, ook al loopt ze niet mee. Ik zal eraan denken dat ze me rustiger liet lopen omdat ik wist dat ik dat nodig had. Nu zal ik dat waarschijnlijk weer nodig hebben. Want ik weet hoe hard ik kan gaan in mijn enthousiasme. Dat is niet goed voor mij omdat ik altijd uit moet blijven kijken voor overbelasting. Aan die grote lach van Deborah zal ik denken tijdens de moeilijke momenten die er zeker af en toe tijdens het lopen zullen komen. Zo zie je, ze loopt niet mee maar ze gaat wel mee…

Dit jaar is mijn voorbereiding op de Dam tot Damloop niet zo grondig geweest als die van vorig jaar. Het is ook nog geen maand geleden dat ik terugkwam van mijn verblijf in Marokko. Daar heb ik wel een paar keer langs het strand gerend, wat ook een bijzondere ervaring was. Zo’n strand loopt anders als de straten en parken van Amsterdam. Het schema dat ik vorig jaar volgde en dat mij ook dit jaar weer richting halve marathon van Amsterdam zou moeten helpen, heb ik door de zomeronderbreking niet heel strak gevolgd. Om heel eerlijk te zijn…bijna niet gevolgd.

Vier keer per week lopen was mijn voorbereiding vorig jaar met wisselende afstanden en steeds meer kilometers. Het serieuze werk als je een aardige afstand wilt lopen. Toch denk ik niet dat het een grote ramp is dat ik het dit jaar anders doe. Gewoon mijn gevoel volgen, me gesteund voelen door de aanmoedigende toeschouwers en de laatste kilometers op karakter lopen…

route
Altijd als ik meedoe aan een grote lange loop  houd ik ongeveer een week vooraf generale repetitie voor mezelf. Afgelopen zaterdag was voor mij dan ook de ‘Dam tot Dam generale repetitiedag’. Vroeg in de ochtend liep ik een ronde waarbij ik door Amsterdam West, Zuid, Oost en Centrum ging. 16,1 kilometer werd het precies, de 10 Engelse mijl die ik aanstaande zondag hoop af te leggen van Amsterdam naar Zaandam. Ging het? Nou het ging wel, hoewel er momenten waren dat ik graag snel naar huis had willen vliegen omdat het me eventjes te veel werd.

Hoe is mijn week verder verlopen qua training?

Zondag bracht ik een groot deel de van de dag door in het zwembad. Het was meer voor de gezelligheid want dochterlief was er ook met een vriendinnetje. Van echt baantjes trekken was dus geen sprake. Ontspanning is ook belangrijk, zeker als je de dag ervoor een aardige afstand hebt afgelegd.
Maandag geen sport, als je de buikspieroefeningen op ons nieuwe tapijt in de woonkamer niet meetelt.  Waarom niet? Dagje rust was toch gisteren? Tja, het was offerfeest wat we met een deel van het gezin gevierd hebben, maar wel zonder schaap, dat is aan familie in Marokko geschonken…
Dinsdag een luttele 18 kilometer met de fiets afgelegd. Wel met de elektrische fiets, dat vermeld ik er eerlijkheidshalve maar bij.
Woensdag heel vroeg in de ochtend voor de grote warmte uit een 7 kilometer gelopen in een voor mijn doen aardig tempo. Plus nog wat buikspieroefeningen en squats op het tapijt.
Donderdag begonnen met die paar plankoefeningen die ik zo vervelend vind. Een uurtje in het zwembad doorgebracht en ruim 50 baantjes gezwommen.
Vrijdag mijn laatste loop voor het evenement gedaan. Het was een loop van 8 kilometer door de straten van Amsterdam West. Heerlijk omdat het niet meer zo warm was.
Zaterdag staat een uurtje krachttraining in de sportschool op het programma. Geen heel zware oefeningen, maar wel aandacht voor de spieren die ik gebruik tijdens het lopen. Goed rekken en strekken.

startnummer-2016Zondag 18 september. De grote dag komt al steeds dichterbij. Nog even snel wat energiegelletjes halen voor onderweg. Bananen en vanillevla kopen om ’s ochtends voor vertrek iets te eten wat niet al te zwaar valt, niet te sterk smaakt en dus niet naar boven komt tijdens het lopen. Startnummer en kleren klaarleggen. Tas met spulletjes voor na de loop inpakken. Even mijn fietsband checken want ik wil niet te laat bij het Centraal Station aankomen om mijn tas af te geven. Ik wil er wel voor zorgen dat ik me kan ontspannen op de avond ervoor. En natuurlijk ook nog even Appen met Deborah, die erbij zal zijn, ook al loopt ze fysiek niet mee…

Doe jij mee aan de Dam tot Damloop 2016, sta je aan de kant om iemand aan te moedigen of volg je het evenement op afstand?

Fietsperikelen #2 De voor- en nadelen van een elektrische fiets

Sinds enkele maanden beschik ik over twee fietsen. Dat is geen overbodige luxe in Amsterdam. Of überhaupt niet als je de fiets dagelijks gebruikt. Amsterdam of niet. Moet er een reparatie worden uitgevoerd op één van de twee fietsen of ben ik zuur met een lekke band, dan weet ik dat er nog een andere fiets voor me klaar staat. Just in case.

image2
Die tweede fiets is trouwens niet zomaar een fiets. Het is een elektrische fiets, wat zoveel betekent dat je met ondersteuning trapt. Dat fietst aanzienlijk lichter dan wanneer je een gewone fiets voort moet trappen. Ik kreeg de fiets van mijn moeder, omdat arme zij om gezondheidsredenen de fiets niet meer durft te gebruiken. Heel lief en fijn natuurlijk, alhoewel ik het erg naar vind voor mijn moeder. Een groot deel van haar leven maakte zij tochten op de fiets. Dat was een echte liefhebberij van haar. In ieder geval fijn dat zij haar dochter blij heeft kunnen maken met zo’n prachtige fiets!

Ondertussen kies ik steeds vaker voor de elektrische fiets, ook al moet ik een stukje lopen om het ding uit de stalling te halen. Zo’n mooie fiets laat je niet voor de aasgieren op straat staan. Het is wel een een ‘oud model’ is waarbij de accu’s zijn opgeborgen in zijtassen over het achterwiel, waardoor je best breed bent als je aan het fietsen bent. Ik heb elektrische fietsen voorbij zien komen met grotere snelheid dan ik haal en met een kleine accu onder de bagagedrager. Toch mag ik niet klagen. Ik haal tegen de 25 kilometer per uur tegenover de luttele 11 tot 15 kilometer met mijn andere fiets.

Wat vind ik zo prettig aan het rijden op een elektrische fiets en zie ik ook nadelen? Na enkele maanden gebruik denk ik dat ik je dat wel kan vertellen:

Voordelen elektrische fiets
* Je wordt minder snel moe omdat je wordt ‘geholpen’ tijdens het fietsen;
* Je gaat sneller dan met bijvoorbeeld een échte stadsfiets zoals een omafiets en dus ga je sneller van A naar B;
* Als je zoals ik de leeftijd van 50 hebt bereikt, merk je dat je voor veel dingen minder energie hebt. Het is dan prettig als je door je fiets wordt gesteund waardoor het fietsen niet veel extra energie kost;

Deze voordelen hebben natuurlijk allerlei gevolgen: je kunt grotere afstanden afleggen en pakt dus eerder de fiets wanneer je anders waarschijnlijk met de auto of het OV was gegaan. Je hebt minder tijd nodig om naar je werk te rijden en dus kun je  ’s ochtends later opstaan. Je fietst nog even snel naar de winkel of de markt wanneer je dat anders misschien niet had gedaan.

Uiteraard zijn er ook nadelen. Door de grootte van mijn tekst hierover lijkt het erop dat er meer nadelen dan voordelen zijn. Toch rijd ik met groot plezier op mijn elektrische fiets. Voor mij wegen deze nadelen dus niet op tegen de voordelen.

Nadelen elektrische fiets
image1* Het is uitkijken geblazen. Omdat je sneller gaat dan menig fietser moet je ook sneller reageren wanneer er iets onverwachts gebeurt;
* Je wordt ongeduldiger in het verkeer; waarom gaan al die slome fietsers niet opzij, ze zien toch dat ik harder ga en toch moeten ze nog snel even voor me gaan staan bij het stoplicht, grrrr…
* Je moet eraan denken dat je de accu tijdig oplaadt anders rijd je weer net zo langzaam als de rest van je medefietsers; soms moet de oplader mee als je vergeten bent op te laden;
* De fiets heeft meer/andersoortig onderhoud nodig. Veel fietsenmakerijen willen geen reparaties doen aan een elektrische fiets omdat ze bepaalde onderdelen niet kunnen krijgen. Blijkbaar worden onderdelen niet zonder meer aan iedere willekeurige fietsenmakerij geleverd. In Amsterdam heb ik inmiddels verschillende speciaalzaken voor elektrische fietsen gezien. Dat garandeert niet dat je bij iedere specialist ook ieder merk elektrische fiets ter reparatie kunt aanbieden. Ik heb meegemaakt dat fietsenmakers de band van mijn fiets niet wilden plakken. Iemand met verstand van zaken vertelde mij dat dit echt onzin is; een band plakken gaat bij een elektrische fiets net zo als bij iedere andere fiets. Het plakken heb ik uiteindelijk zelf gedaan. Scheelde me ook weer wat geld. Ieder nadeel heb z’n voordeel, om maar eens de woorden van een legende te gebruiken…

Mocht mijn gekregen elektrische fiets op zijn eind zijn, zou ik dan een nieuwe aanschaffen? Deze vraag kan ik met een ‘ja’ beantwoorden. Helemaal wanneer ik een flink eind zal moeten fietsen om te gaan werken. En dan neem ik natuurlijk zo’n model met een kleine accu onder de bagagedrager. Of wie weet bestaan er tegen die tijd wel accu’s die je in je zak steekt, wie zal het zeggen?

Fiets jij ook veel en zo ja, is een elektrische fiets voor jou een optie of hou je het bij je ‘gewone’ stalen ros?

Marokkaanse massage is niet voor watjes!

“Wat is de Marokkaanse mentaliteit hard!” zei een collega eens nadat ik over verschillende Marokkaanse gewoontes verteld had. Dit heb ik al eens eerder horen zeggen, ook van mensen met een Marokkaanse afkomst zelf. “We moeten altijd eerst met elkaar een gevecht aangaan voordat we samen ergens uitkomen” zei een leerling uit de klas waar ik ooit stage liep. Misschien tekent dit een bepaalde indruk die er heerst in (een deel van) de Nederlandse maatschappij en die zo vaak wordt gebruikt door de media? Het enige wat ik daarvan kan zeggen is: het klopt, maar het wordt wel enorm uitvergroot.

Donker straatje
Met die zogenoemde ‘hardheid’ heb ik op verschillende manieren te maken gehad. De grootste rol spelen daarbij de plagerijtjes die regelmatig over en weer gaan bij ons thuis. Een kaaskop heeft daar echt geen kaas van gegeten, dat kan ik je wel vertellen. Toen ik nog een groentje was op het gebied van Marokkaanse plagerijtjes moest ik meer dan eens huilen. Intussen plaag ik net zo ‘hard’ terug, ik vind het zelfs leuk er een soort sport van te maken. Als je zelf ‘hard’ doet (niet bént hè) in een bepaald opzicht, komt ‘harde’ input minder ‘hard’ aan.

Marokkaanse massage gaat al niet anders als Marokkaans plagen of bepaalde Marokkaanse omgang. Er moet een gevecht worden geleverd, met andere woorden het moet ‘hard’ zijn voordat het iets vruchtbaars oplevert. Of de massage helpt? Daar kan ik niet zonder meer ‘ja’ op antwoorden. Ik heb het dit jaar tijdens mijn verblijf in Marokko ondervonden. Mij hand doet namelijk al maanden pijn, vanwege die nare val die ik tijdens het hardlopen heb gemaakt. Er was toen gelukkig niets gebroken, maar ik moest mijn hand wel rust gunnen van de dokter. Dat is niet realistisch. Met je handen moet je zoveel doen dat je het bij ieder klein taakje in huis al merkt als je een hand minder kan gebruiken. Nee, van rust geven aan mijn hand is niet veel terecht gekomen. Ik heb dus nog steeds regelmatig pijn.

Zoals altijd wanneer ik in Marokko kom en zeg dat ik één of ander kwaaltje heb, was het deze keer met mijn hand niet anders. Adviezen gingen over en weer. Ik moest maar naar die ene man gaan in de stad, die al heel veel mensen met pijn heeft genezen. Er werd een naam voor de man genoemd, of was het geen naam maar betekende het ‘masseur’? In ieder geval klonk het als ‘Zomzom’ of wat het ook mocht zijn. En wat ik verder hoorde vertellen konk veelbelovend, alhoewel me wel eerst iets te wachten stond, namelijk pijn en verbranding. Precies! Daar kwam ‘hardheid’ weer om een hoekje kijken. Ik besloot de gok te wagen, meer uit nieuwsgierigheid en het feit dat ik er dan iets over kon schrijven, dan met de hoop dat de pijn weg zou gaan.

We gingen naar de oude medina van Essaouira. In een koud, vochtig en donker straatje moesten we door een deur naar binnen. Een donker hol leek het. Ik geloof niet dat een échte toerist dat zou wagen. Gelukkig leven we in de tijd-van-mobieltjes-met-zaklantaarn. Die had ik echt wel nodig want ik zag geen hand voor ogen. Trappenhuis kon je het niet echt noemen waar we naar boven moesten. De trap had zeer ongelijke treden. Daar naar boven gaan was solliciteren naar vallen en pijn. Misschien expres gedaan? Voorlopig was mijn indruk eerder dat het ‘eng’ was in plaats van ‘hard’. Boven aangekomen moesten we een tijd wachten. Om het nóg spannender te maken was mijn gedachte op dat moment. Eindelijk werd de deur open gedaan.

Eenmaal binnen moest ik zitten in een kamer bij een man die niet kon praten. ‘Zomzom’ of hoe je het ook uitspreekt betekende niets anders dan ‘de stomme’, hoorde ik later. Ik moest laten zien waar ik pijn had. Daar kwam Zomzom met een gaspit die hij aanstak. Hij verhitte er een soort spons boven. De vonken vlogen in het rond. Die spons…jawel, werd op mijn pijnlijke plek gelegd. Daarna werd er aan mijn hand getrokken en erin geknepen. Zomzom verhitte ook zijn handen boven het vuur, smeerde ze in met olie en legde zijn handen op mijn hand. Mijn ogen schoten vol tranen. Ik besloot een andere kant op te kijken en probeerde aan iets anders te denken. Maar dat mocht niet, want Zomzom wilde dat ik door middel van lichaamstaal en oogcontact liet zien wat zijn handelingen met mij deden. Ergens kraakte er iets in het midden van mijn hand. Daar zat de plek waar het vandaan kwam, gebaarde Zomzom tevreden. Weldra zou het beter gaan met mijn hand, liet hij weten. Daar leek het ook op. Mijn hand voelde prettig en soepel aan na de pijn die mij was aangedaan. Fijne bijkomstigheid na die heftige sessie. Dus toch eerst ‘hardheid’ voor er verbetering optreedt?

Of de behandeling uiteindelijk heeft geholpen? Heb ik minder pijn in mijn hand? Terug in Nederland moet ik concluderen: helaas niet veel. Hand voelt nog steeds stijf aan bij het ballen van de vuist. Misschien komt het door ons (koele) kikkerland? Had ik Zomzom nog eens moeten bezoeken om me nog eens hardhandig te laten behandelen? Me nog eens tranen in de ogen laten brengen? Een paar mensen hadden gezegd dat ik drie keer naar hem toe had moeten gaan. Ja hoor!  Had het dan nog ‘harder’ gemoeten dan het al was gegaan? Allemaal vragen waar ik geen antwoord op weet.

Eén ding waar ik wél zeker van ben: Marokkaanse massage is niet voor watjes!

Eten in een eetgelegenheid in Marokko

Wat irritant is dat toch als mensen zich met je zaken bemoeien. In Marokko lijkt dat wel de grootste hobby van de meeste mensen. Dit eten moet je zo koken, je kleren moet je anders wassen, als je ziek bent moet je dit en dit medicijn gebruiken. En oh ja wat is er toch met je kind aan de hand? Ze huilt zo, wat heeft ze nodig? Je moet een dikke huid hebben, zodat je er niet te veel door wordt beïnvloed of je eraan ergert. Of doe gewoon of je een paar oordopjes in je oren hebt en luister niet naar al die (overigens zeer goed bedoelde) adviezen.

IMG_5535Wat grappig is het toch als je de rollen omdraait en zelf een uitblinker wordt in het bemoeien. Wel als het in je eigen belang is natuurlijk, zoals wanneer je ergens buiten de deur gaat eten. Als je zelf een bemoeial wordt, lijk je ineens ook minder last te hebben van de bemoeizuchtigheid van de mens in algemene zin in Marokko. Gewoon de rollen omdraaien; aanval is de beste verdediging.

Marokko is een vies derde wereldland om het maar even heel grof te stellen. Dat betekent dat onze eerste wereldbuikjes maar weinig kunnen hebben. Met andere woorden, krijgen we iets binnen wat niet hygiënisch genoeg is, dan protesteert ons systeem onmiddellijk. Ik heb al heel wat te verduren gehad wat dat betreft en ben dus ontzettend voorzichtig geworden als we ergens buiten gaan eten. Producten met veel olie eet ik niet, salades zijn uit den boze en zuivel stuur ik terug naar de keuken als ik maar enigszins twijfel. Eigenlijk moet ik dus geen zuivel nuttigen  maar ik vind de koffie met melk in Marokko behoorlijk lekker. Mijn lieve echtgenoot weet dat ik moeilijk ben als het om eten gaat in Marokko. Als we dus ergens buiten gaan eten verandert hij tot mijn plezier in de grootste, vervelendste bemoeial. Het is net een voorstelling waarbij ik op de eerste rij zit. En het werkt, want ik word niet meer zo ziek van het eten in Marokko als wel eens het geval is geweest.

Hoe dat bemoeien nou precies in zijn werk gaat?

IMG_5531Ik eet weinig vlees, en als ik het toch eet vind ik vlees het lekkerst wanneer het op de barbecue is bereid. Dan is al dat vervelende vet eruit gerookt en daar gaat het om. We gaan gehakt laten barbecueën. Alle ingrediënten kopen we zelf, zodat we weten dat het vers is. Eerst gaan we gehakt kopen bij onze buurman die een slagerij heeft in de stad. Oh pff hij is dicht omdat het net gebedstijd is. Dan moeten we naar een andere slager die manlief kent, want we gaan natuurlijk niet naar iedere willekeurige slager. De slager moet het gehakt malen waar we bij staan zodat we zien van wat voor stuk vlees het afkomstig is. Gehakt mag niet te vet zijn anders smaakt het niet lekker. Echt, ik kan een heel stuk gehakt weggooien als het te sterk smaakt door het vele vet. Nadat we bij de slager zijn geweest gaan we uien, tomaten en koriander kopen. We lopen langs verschillende houtskool grilltentjes maar  overal is het druk. We zien ook dat bij de meeste tentjes sardientjes worden  gebarbecued en we willen niet dat ons gehakt naar vis gaat smaken. Bovendien zie ik vlak naast een houtskool grillplaats een smerige wc open staan. Je denkt toch niet dat ik in zo’n plaats wil eten?

IMG_5534Ergens in de druk bezochte straat zie ik een dakterras waar rook vandaan komt. Iemand staat het vuur aan te wakkeren. Duidelijk zo’n plek waar je vlees of vis kan laten barbecueën. We zoeken naar de ingang en komen in een klein eettentje waar een steile wenteltrap is. Dat steile ding leidt naar een terras met eettafeltjes boven de drukke straat. Manlief begint beneden eerst uit te leggen wat hij precies wil. Kok sputtert even tegen want hij zegt dat het gehakt niet gaar wordt als je tomaat en ui erbij doet in het rooster. Mijn echtgenoot legt precies uit hoe hij het moet doen. We nemen op het terras plaats en manlief loopt nog twee keer naar beneden. De eerste keer vraagt hij aan de ‘kok’ of hij wel zijn handen heeft gewassen. “Nee” zegt hij. “Nou doe dat dan, want het is mijn buik waar het eten in komt” zegt de man. “En ik dan?” vraagt de kok. “Jij eet er toch ook van?” zegt de man, waarmee hij duidelijk maakt dat de kok er geld mee verdient wat betekent dat hij kan eten. De tweede keer gaat hij naar beneden om ervoor te zorgen dat onze borden en de theeglaasjes worden afgewassen met flessenwater in plaats van kraanwater. Alles om buikklachten te voorkomen.

Boven zit ik me te verkneukelen. Ik weet zeker dat ze nog nooit zo’n bemoeizuchtige klant hebben gezien. En dan is het barbecueën nog niet eens begonnen. De man spreekt alvast zijn ergernis uit over het feit dat de jongen die op het terras werkt een oud vies kartonnetje gebruikt om boven het vuur mee te waaieren. Vast ergens van straat opgeraapt en dat terwijl er van die mooie blaasbalgen in de stad te koop zijn. Als het gehakt naar boven wordt gebracht snelt de man naar de jongen toe en begint zelf het gehakt op het rooster te doen. Dit met de gedachte: niet nóg een paar (wellicht ongewassen) handen aan ons eten! Ik mag ook even aan de kant van het houtskoolvuur komen staan om een paar foto’s te maken van het uitzicht van de oude stad van Essaouira. Ondertussen geeft manlief nog een paar instructies aan de jongen die bezig is met ons gehakt.

IMG_5539Als het vlees eindelijk klaar is loopt de man nog een laatste keer naar de barbecue. Natuurlijk wil hij zelf het vlees op ons bord doen, zonder tussenkomst van dat extra paar handen. We kunnen eindelijk gaan eten en het smaakt heerlijk. Het is iets te veel gehakt en daarom vullen we zo’n klein rond brood met wat we over hebben. Daar kan één van onze familieleden lekker van eten.

Of een dergelijke bemoeiactie helpt om buikklachten te voorkomen? Ik heb dit keer in ieder geval nergens last van gehad. Dat is weleens anders geweest tijdens vakanties in Marokko. Wie weet kan ik je daar nog eens meer over vertellen…

Tref jij ook maatregelen om klachten te voorkomen die je kunt krijgen tijdens vakanties in landen waar het niet zo ‘schoon’ is als in Nederland?

Help de arme zwerfdieren in landen als Marokko!

Toen ik bijna twee weken geleden naar Marokko vertrok voelde ik mij een beetje schuldig. Ik moest onze katten achterlaten waar ik sinds bijna twee jaar erg aan gehecht ben geraakt. Gelukkig hebben wij een lieve buurvrouw die één, vaak zelfs twee keer per dag onze katten komt verzorgen.

IMG_5549Het gevoel over onze katten verdween al snel toen ik hier in Marokko weer eens werd geconfronteerd met de situatie van veel dieren hier. Arme hongerige katjes zonder huis en zwervende bedelende honden. Aapjes in kleine hokjes of vastgebonden aan kettingen, klaar om kunstjes te vertonen aan voorbijkomende toeristen. Schuimbekkende ezeltjes die een zware last moeten dragen en die er met een stok van langs krijgen als ze niet snel genoeg lopen. Magere paarden die overdag in de bloedhete steden koetsjes vooruit moeten trekken. En zo kan ik nog wel even doorgaan. Al dat dierenleed, ik kan er steeds minder goed tegen.

Ergens begrijp ik het ook wel. Veel mensen hier hebben het moeilijk en moeten ploeteren om dagelijks hun brood te verdienen. Als je een dier bezit dat voor je kan werken heb je tenminste nog iets. Dieren die niet voor mensen kunnen werken worden gezien als last. Vaak krijgen die dieren alleen restjes te eten, áls ze al wat krijgen. Als mensen het gevoel krijgen dat dieren ze lastig vallen worden ze weggejaagd, soms zelfs geslagen of met stenen bekogeld. Zo zijn er vele dieren hier die als verschoppeling door het leven gaan. Op de wegen moet je vaak uitkijken dat je niet een van de vele zwervende honden aanrijdt. Er is niemand die zich vervolgens om een gewond dier bekommert. Ik heb ook nog nooit een dierenarts gezien. Die bestaat vast wel maar kost natuurlijk geld. Een gewonde zwerfhond brengt natuurlijk niemand naar een arts om behandeld te worden. Dat is alleen voor de rijke dierenbezitters.

IMG_5556Gelukkig zag ik laatst een klein lichtpuntje dat me hoopvol stemde en me ook het gevoel gaf dat ik zelf iets kon doen. Een Italiaans echtpaar dat regelmatig naar mijn thuishaven Essaouira komt, was bezig met het voeren en verzorgen van de katten in een tuin bij de haven. Ik zag de vrouw bezig met een katje dat ik al eerder had zien lopen. Het had een dicht oog dat óf zo ontstoken was dat het niet open ging, óf het arme dier miste dat oog. Ze hield het spartelende dier vast en druppelde een goedje in de oogkas. Op verschillende plaatsen in de tuin zag ik voedsel voor de katten liggen. We spraken de man aan, die vertelde dat ze vaak in Essaouira kwamen en dan de katten gingen verzorgen. Ik zei dat ik dat ook wilde doen. De man adviseerde om kip en rijst te koken en dit te pureren. Dat was volgens hem beter dan het kant-en-klare kattenvoer dat in de supermarkt te koop is. Ja, sommige mensen hebben dus toch katten of honden als huisdier en die producten zijn hier gewoon te koop. Er wonen ook veel Fransen in Essaouira. Rijst met kip had ik op advies van de dierenarts al eens voor één van onze katten klaargemaakt toen hij veel braakte. Als katten heel onregelmatig eten krijgen of zelfs heel weinig of slecht eten, kan ik me voorstellen dat licht verteerbaar voedsel als rijst met kip goed voor hen is.

We togen naar de supermarkt en kochten rijst, kip en ook toch ook maar een pak kattenbrokjes. De volgende ochtend gingen we naar de zogenaamde kattentuin in de haven. Van te voren had ik de onderkant van een aantal waterflessen afgesneden. Die dienden als eet- en drinkbakjes. Ik had al eens vaker gezien dat mensen hier handige dingen doen met lege waterflessen. Toen we begonnen met het eten in de bakjes te doen kwamen de katten al gauw op ons af. We bleven erbij, om erop toe te zien dat het eten werd opgegeten. Een beetje overgebleven voedsel zette ik tussen de struiken neer zodat er niet snel mensen aan zouden gaan zitten.

Verwende katten 2Ook al hebben we nu iets gedaan om het aangenamer te maken voor slechts enkele dieren in Marokko, ik realiseer mij dat dit tijdelijk is. Er zal echt iets moeten veranderen, zowel in de mentaliteit van de mensen als aan hun eigen situatie. Anders gaan ze, op een enkeling na, nooit écht goed voor de dieren zorgen. In Alanya, Turkije, heb ik vorig jaar gezien dat ze al veel verder hiermee zijn. Daar zag ik verschillende voederplaatsen voor honden en katten, gesubsidieerd door de gemeentes. Ik hoop dat dit ooit in Marokko ook werkelijkheid wordt.

Als de toerist die we (ook wij in Marokko) zijn kunnen we zelf wel iets doen. Ten eerste door ons tijdens vakanties in landen als Marokko om de arme zwerfdieren te bekommeren. Alle beetjes helpen en iedere toerist die iets doet is er één. Neem een lege waterfles of -tankje, snijd de onderkant eraf en geef dit gevuld met water aan een dorstig dier. Koop wat honden- of kattenvoer in de supermarkt en maak een aantal dieren voor minstens één dag minder hongerig. Laat ook duidelijk zien aan de plaatselijke bevolking wat je doet. Want door ten tweede een voorbeeld te zijn kun je wellicht heel langzaam iets aan het beeld van de mensen veranderen. Dieren moeten geen ‘last’ voor de mensheid zijn. Wij spreken ook regelmatig mensen of kinderen aan als we zien dat ze een arm dier wegjagen door het bijvoorbeeld te slaan of te schoppen. ‘Haram’ (verboden in islam) is wat we dan ook vaak zeggen, omdat de islam mensen juist aanspoort goed te zijn voor dieren. Vaak luisteren de mensen dan wel. Gek eigenlijk dat je dat nog moet zeggen in een ‘islamitisch’ land…

Kom jij ook weleens in een land of landen waar de dieren het lang  niet zo goed hebben als de dieren in Nederland?

Mijn eerste week in Marokko

Mijn eerste week in Marokko is alweer ruim voorbij. Sterker, ik geloof dat we alweer bijna op de helft van de drie weken zijn. Niet normaal. Ik heb het gevoel dat de vakantie nog moet beginnen. Zo gaat dat eigenlijk altijd. Je zou een week of zes nodig hebben om echt het gevoel te krijgen dat je ‘weg’ en ‘met vakantie’ bent geweest.IMG_5379

Hoe komt dat nou, dat de tijd zo snel lijkt te gaan, wat is er dan gebeurd en welke factoren spelen daar een rol in?

Alles is anders
Meestal probeer ik meteen mee te doen met het ritme van de familie in Marokko. Dat betekent dat ik me ‘slomer’ ga gedragen. Langzamer gaan, later en anders eten, op andere tijden naar bed. Gewoon alles op zijn beloop laten. Vooral niet willen dat de dingen zo gaan zoals je in je hoofd hebt gevormd. Echt, die aanpassing is vermoeiend. Het vraagt wat van je. Dat overvalt je dan zo. In Nederland lijken we veel te veel de controle te willen hebben op alles. Dat lukt ook vaak, hoewel we daar in het algemeen steeds meer van terug komen Die houding van controle te willen hebben kun je in Marokko helemáál vergeten. Kunnen we nog wat van leren eigenlijk. Hoe dan ook, het lijkt wel of ik in Marokko in een andere modus kom waarin ik wel mee móét met de stroom. Hoewel, een sterke stroom kun je het niet echt noemen. Mijn indruk is al jaren dat de mensen in Marokko het leven sowieso op z’n beloop laten. Alles insha Allah (als God het wil). Probeer daar maar eens verandering in te brengen.

Wat speelt er nog meer een rol waardoor ik mij ‘anders’ voel als ik in Marokko ben?

Het water
In het vliegtuig zat ik naast een Nederlands stel dat voor het eerst met vakantie naar Marokko ging. “Kunnen we het water uit de kraan drinken?” vroeg de vrouwelijke helft van het stel. Dat vond ik maar een gekke vraag, iedereen weet toch dat in Nederland het schoonste water gewoon uit de kraan komt en dat dat in de meeste andere landen, zelfs in Frankrijk, niet het geval is? Ik zei dan ook dat water uit de kraan drinken één van de eerste dingen is die je niet moet doen in Marokko. Je moet dus flessenwater drinken, wat op zich niet erg is. Wat ik wel denk, is dat je hele systeem aan dat water moet wennen. Ten slotte bestaat je lichaam voor het grootste gedeelte uit water. Niet te verwonderen dat je je daar moe van voelt.

Het eten
Natuurlijk is ook het eten anders in Marokko. Ook als je in Nederland regelmatig Marokkaanse gerechten eet, merk je verschil. Het ontbijt wordt vaak laat in de ochtend genuttigd. Waar men in de middag in Nederland meestal een broodje eet, staat er in Marokko een warme maaltijd op tafel. Tegen de avond thee met brood en jam en/of koekjes, laat in de avond nog eens warm eten. Echt laat hè, soms zelfs wel 23:00 uur. Je begrijpt dat ik er dan meestal niet veel zin meer in heb. Vaak wordt het eten ook nog met veel olie bereid. Groenten en fruit hebben meer zonuren gehad, smaken dus anders maar bederven ook sneller door de warmte. Op de markten zie je gewoon dat het fruit er anders uitziet, misschien wel minder kunstmatig dan wij gewend zijn. Al met al een flinke omschakeling voor je lichaam, die na een paar dagen al eens resulteert in buikklachten.

IMG_5389

Het straatbeeld en het verkeer
Als je gewend bent om te fietsen in een stad als Amsterdam moet je dat eens in een stad Marokko proberen. Gelukkig ben ik een ervaren fietser die meer dan eens een toerist van het fietspad af roept. Met zo’n instelling moet je je in Marokko voortbewegen in de openbare ruimte. Anders red je het niet. Het is chaos en niemand houdt rekening met elkaar. Daarnaast is er in mijn ‘thuishaven’ Essaouira geen stoplicht te vinden. Ooit is eens bepaald dat de stad authentiek moet blijven en dat er daarom geen verkeerslichten geplaatst mogen worden. En dat in een stad die steeds drukker en toeristischer wordt. Je moet overal ogen hebben en dat is natuurlijk zeer vermoeiend.

Het gedrag van mensen
Dat mensen het leven op zijn beloop laten merk je eigenlijk aan alles. Bezoeken duren vaak uren (heb je niets anders te doen?) en vinden op ieder moment van de dag plaats (kun je geen afspraak maken?). Ga maar eens zeggen dat je niet in bent voor een bezoekje. Dat kun je echt niet maken. Een afspraak wordt vaak veel te laat nagekomen of vindt regelmatig gewoon niet plaats. Ook dan kun je het niet echt zeggen want de afspraak vond sowieso alleen plaats als God het had gewild. Plannen maken wordt je zo weleens moeilijk gemaakt. Tsja, ook dat moet je ondergaan. Wat mij ook opvalt als mensen samen in een ruimte zie, is dat men vaak zo dicht bij elkaar zit. Ook als een kamer groot genoeg is om meer verspreid te gaan zitten. Ik krijg het er soms benauwd van. En ja, kinderen nemen aan alles deel dus laat in de avond lopen ze gewoon nog rond in de kamer. Ik merk ook dat mensen veel meer lachen en grapjes maken dan ik in Nederland meemaak. Er worden dingen beweerd die niet mogelijk zijn, gewoon voor de grap. Alles alleen om lekker te kunnen lachen. Het is leuk voor de ontspanning en doet me realiseren dat we in Nederland zo vaak ‘in ons gareel’ blijven zitten. Alles moeten wij volgens regels, volgens planning doen. Kunnen we dat niet wat meer loslaten?

Ik kan vast nog wel meer dingen bedenken die ‘anders’ zijn in Marokko dan wij in Nederland gewend zijn. Voorlopig laat ik het hier maar even bij. Zo ben ik al moe genoeg…

Waarom ik uierzalf meeneem naar Marokko

Meenemen naar Marokko 2
Kort geleden ontving ik een e-mail van een dame die zich voorstelde als Carolien. Ze werkte aan een televisieprogramma waarvan ze de naam wel vermeldde, maar die ik zelf nog even niet zal weergeven. Voorlopig. Misschien is het niet zo leuk als ik informatie geef over een programma dat nog in de maak is. Vind ik zelf ook niet fijn, als anderen gaan aankondigen wat voor soort artikelen ik komende maand op mijn blog ga publiceren. Ook al weet ik dat zelf nu ook nog niet. Het is het idee.

Carolien had mijn blog gelezen, wat ik op zichzelf al erg leuk vind. Voor het bewuste televisieprogramma wilde ze meer weten over een element uit een onderwerp waarover ik eens had geschreven. Die informatie kon namelijk weleens bruikbaar zijn voor het programma waar ze aan werkte. Ze vroeg mij of ze me kon bellen. Ja Carolien, dat vind ik best, maar laat me dan eerst even de informatie waar je naar vraagt zélf op mijn blog publiceren. Tenslotte is het míjn kennis en míjn blog. Natuurlijk kun je ook wat van de credits opstrijken Caro, want je hebt me geïnspireerd tot het schrijven van een nieuw artikel. Maak je me daarna nog even beroemd als het kan?

blog over uierzalf 2Enige minuten na het lezen van de e-mail vroeg ik mij af welk artikel Carolien nou precies gelezen had. Het moest uit de blogcategorie ‘Marokko’ zijn, want ze wilde weten waarom ik altijd uierzalf mee naar Marokko neem. Ging het om het artikel In een bad van kamelenplas? Daar had ik voor het eerst vermeld dat ik onder andere uierzalf als remedie voor mijn voetkloven had gevonden. In dat artikel staat alleen niet dat ik de uierzalf altijd meeneem naar Marokko. Dat staat weer wel in Wat wij meenemen naar Marokko. Carolien, mag ik nog even weten welke artikelen je nog meer hebt nageplozen? Gewoon nieuwsgierig, wie weet inspireer je me nog tot het schrijven van andere verhalen. Over (Marokkaanse) huis-tuin-en-keukenmiddeltjes tegen kwaaltjes welteverstaan. Wie weet nog meer voer voor je programma.

Dan zal ik nu antwoord geven op de vragen van Carolien…

…waarom ik zelf uierzalf gebruik? Ten eerste om die akelige voetkloven tegen te gaan. Die doen pijn! Na de geschiedenis met de kamelenplas begon ik mijn voeten regelmatig te baden in warm water. Het eelt wordt dan week waardoor je de harde eeltplekken goed kunt weghalen met een eeltrasp. Heb je je voeten geraspt dan droog je ze af. Vervolgens smeer je ze in met uierzalf en trek je sokken aan. Dit doe je bij voorkeur voor het slapen gaan, zodat de uierzalf in de nacht in je voeten kan trekken.

…waarvoor gebruik ik uierzalf nog meer? Ik heb niet zo’n goede doorbloeding waardoor mijn vingertoppen vaak kloven vertonen in de winter. Uierzalf helpt hier heel goed tegen. Ook na het afwassen smeer ik uierzalf op mijn handen. Uierzalf helpt ook goed tegen schrale lippen. Bij mij thuis staat altijd een pot uierzalf op een centrale plek. Ook heb ik altijd een klein Nivea potje gevuld met uierzalf in mijn tas. Ik raak in paniek als er geen uierzalf in de buurt is. Of als ik vergeten ben mijn Nivea potje bij te vullen. Je kunt dus wel zeggen dat ik verslaafd ben aan uierzalf. Wat hoor ik daar? Zeg het gerust: uierzalfjunk!

…waarom neem ik uierzalf mee naar Marokko? Inmiddels weet de familie in Marokko natuurlijk van mijn uierzalfverslaving. Verschillende familieleden hebben gezien hoe mijn voeten eraan toe waren voordat ik begon met uierzalf. Ze hebben gezien hoe zacht mijn voeten nu al jaren zijn. Dat wilden ze zelf ook weleens proberen. Ik merk dat veel mensen in Marokko een bepaalde status toekennen aan middeltjes en medicijnen uit Europese landen. Ze achten Europese producten en middeltjes hoger dan die uit hun eigen land wat ik wel jammer vind. Sommige kruidenmiddeltjes werken namelijk heel goed en zijn beter voor je gezondheid dan de vaak chemische spullen uit het westen. Uierzalf valt bij ons natuurlijk onder de onschuldige middelen. Het werkt voor veel doeleinden. De familieleden voor wie ik uierzalf meeneem hebben niet allemaal last van voetkloven. Uierzalf wordt ook door hen genoemd als werkzaam middel tegen eczeem. Zelf heb ik geen eczeem dus kan ik niet vanuit mijn eigen ervaring spreken.

…is er geen middel in Marokko dat net zo goed werkt als uierzalf? Natuurlijk geloof ik best dat er een middeltje in Marokko verkrijgbaar is dat net zo goed helpt tegen voetkloven als uierzalf. Zelf heb ik het alleen nog niet gevonden. Ik heb eens een zalfje gekocht in de soek dat een beetje dezelfde substantie had. Het was rood van kleur en zat in een klein potje zonder naam of label. Misschien thuis door de lokale bevolking in elkaar gebrouwd? Ik was een beetje huiverig voor wat er aan ingrediënten was gebruikt voor die zalf. De rode kleur gaf de doorslag; deze ‘besmette’ de lakens door mijn sokken heen en dus gebruikte ik die zalf liever niet meer. In de tijd van mijn experiment in Marokko met kamelenplas suggereerde ook eens iemand om rauw kippenvet met citroen te gebruiken. Lekker handig. Moet je veel kip kopen om steeds je voeten in te kunnen smeren. De citroen op je hielen lijkt me bovendien nogal bijtend aanvoelen. Geen fijn vooruitzicht. Iemand anders zei dat ik zo vaak mogelijk henna op mijn voeten moest smeren. Misschien wilde deze persoon me een bevriende henna-artiest of kruidenverkoper aanbevelen? Waarschijnlijk heb ik nog wel meer suggesties gehoord maar na dat kamelenavontuur ging ik toch maar liever voor een middeltje dat ik in Nederland kon kopen. En waarvan ik al had ondervonden dat het werkte.

…waarom geen vaseline, uiercrème of iets anders tegen voetkloven?
blog over uierzalf 1Vaseline is van een iets ‘hardere’ substantie dan uierzalf. Het smelt eerder als je het warm maakt en smeert daarom niet goed uit. Uierzalf is lekker dik smeerbaar en blijft goed op de huid zitten. Uiercrème heb ik eens per ongeluk gekocht toen ik eigenlijk uierzalf wilde kopen. Ik begrijp eerlijk gezegd niet zo goed waar uiercrème voor dient, het smeert veel te dun uit. Als ik mijn voeten een tijdje verwaarloos verschijnt er soms een kloof waardoor ik echt pijn krijg bij het lopen.  Dan helpt uierzalf niet snel genoeg. Ik gebruik dan voetklovenzalf van Vichy. Die is best duur en dus kan ik die niet met grote hoeveelheden naar Marokko vervoeren.

Hopelijk ben je tevreden met mijn antwoorden, Carolien. Zelf vind ik het in ieder geval leuk dat ik het heb opgeschreven. Want ja die gewoonte van mij om overal een potje zalf mee naartoe te nemen is best wat uitleg waard. Wie weet hebben anderen er ook wat aan. Want voetkloven, wat voor kloven of  nare plekjes op je huid dan ook, zijn nou eenmaal niet leuk om te hebben.

Krijg de schurft! (oftewel hoe kom je aan schurft – en er weer vanaf?)

Wil je een superschoon huis waarin je van de vloer kunt eten, ja zelfs aan de bekleding van je bank kunt likken? Dan zou je echt eens de schurft moeten krijgen! Serieus, ons huis is zelden zo schoon geweest als in de tijd dat we de schurft uit Marokko meenamen. Niet dat ik iemand de schurft zou toewensen, dat toch eigenlijk niet nee.

Wasmachines voor artikel over schurft

Jaren geleden overkwam het ons als gezin. Nietsvermoedend kwamen we aan het einde van de zomervakantie terug uit Marokko. Zoals bijna ieder jaar het geval was. Na enkele weken begonnen we steeds te krabben. We kregen overal kleine plekjes op onze huid. Het werd tijd om maar eens langs de huisarts te gaan. Die constateerde, ja precies, schurft! Die naam had ik weleens gehoord maar wat het was wist ik eigenlijk niet. Ik dacht, wist alleen maar dat het iets ‘vies’ was.

Schurft oftewel scabies is een klein beestje dat zich onder de huid nestelt. Het beestje graaft daar gangen en vermenigvuldigt zich, waardoor je steeds jeuk voelt. Dat lijkt in een razendsnel tempo te gaan. Hoe schoner je bent, hoe sneller het gaat lijkt het wel. Als je goed kijkt kun je de gangen zelfs op je arm zien lopen. Als je niets eraan doet kan je op den duur vreselijke huidontstekingen krijgen.

Je krijgt schurft via onverschoond beddengoed of als je ongewassen kleding van iemand draagt die besmet is. Je kunt het niet zomaar krijgen via huidcontact, tenzij je iemand ongeveer een kwartier lang de hand vasthoudt. Maar ja, als je het eenmaal hebt en je vertelt het, zie je mensen toch afstandelijk worden. Niet zo gek eigenlijk. In Nederland komt schurft nauwelijks meer voor. Mensen weten er gewoon weinig vanaf, kijk maar naar mij. Als een arts ‘het’ bij iemand constateert moet deze het melden aan de gezondheidsdienst van de gemeente ter plekke.  Waarom dat is weet ik eigenlijk niet. Misschien zijn ze bang dat besmetting zich verspreidt. Of zou het gewoon voor de statistieken zijn?

In Marokko hadden wij dat jaar in een hotel geslapen dat mogelijk onverschoonde lakens op de bedden had liggen. Of we hadden het gekregen van de bank van een familielid waar we op bezoek waren geweest. Het is in Marokko de gewoonte dat als je moe wordt, je op één van de vele banken een tukkie gaat doen. Dan wordt er vaak nog een deken over je heen gelegd. Wie heeft daar nog meer op of onder geslapen? Tsja, dat kun je nooit weten…

Toen we na het bezoek aan de huisarts de familie in Marokko belden bleek vrijwel iedereen besmet te zijn. Leuk hoor maar niet heus. Met veel mensen om je heen kun je dus makkelijk besmet raken. Je komt er ook niet gemakkelijk vanaf. Dat bleek wel toen we in de weken erna de strijd tegen de schurft aangingen…

Als je schurft gaat bestrijden moet je zo’n beetje te werk gaan zoals wanneer je hoofdluis bestrijdt. Alleen moet je iets rigoureuzer zijn. Je krijgt een zalf waarmee je je in de avond van top tot teen moet insmeren nadat je gedoucht hebt. Dan ga je slapen in een schone pyjama en in een verschoond bed. ’s ochtends ga je weer douchen en trek je schone kleren aan. Dan verschoon je je bed en moet je alle, werkelijk alle kleren wassen die je vanaf de tijd van de besmetting gedragen hebt. Neem voor de zekerheid de gordijnen en bankbekleding ook maar mee. Vergeet je ook maar één kledingstuk, dan begint het hele ‘feest’ weer opnieuw. Zo was ik na de eerste keer bestrijden een jas in de kast vergeten. Kun je weer beginnen met de hele bestrijdingsmolen. Eigenlijk moet je alles wat je aan kleding en stof bezit in quarantaine doen. Doe voor de zekerheid het kinderspeelgoed ook maar, je weet nooit. Reserveer ook maar een tiental wasmachines bij de wasserette of zo. En niet vertellen waarom he? Ga maar na wat je allemaal moet doen. Met vier of vijf gezinsleden ben je wel even zoet.

Je begrijpt wel dat schurft bestrijden heel erg duur is. De crème wordt niet vergoed door de zorgverzekering, per gezinslid heb je minstens één (liefst twee) tube crème van rond de € 10 nodig en dan nog het elektra, het water en waspoeder dat je moet gebruiken om alles te wassen. En de tijd. Krijg de schurft? Nee, dat wens je niemand toe

Ik geloof dat we uiteindelijk haast overspannen werden van het bestrijden van de schurft. Het is niet alleen het werk dat je eraan hebt dat het zo zwaar en vermoeiend maakt. Ook in mentaal opzicht krijg je een opdonder. Als je maar een klein beetje jeuk voelt denk je dat het weer is begonnen. Je twijfelt en denk: nee dat kan niet, toch niet weer? Zo hebben we wel vier keer in dat jaar de hele bestrijdingsmolen doorgemaakt. Toen we eindelijk dachten dat we ervan af waren ging manlief tussendoor nog even familie in Marokko bezoeken. Broer die nog niet van de besmetting af bleek leende zonder vragen een jas van mijn echtgenoot. Zo gaat dat vaker in Marokko als je niet uitkijkt. Alles is van iedereen. Hopla, de beestjes reisden ongemerkt mee terug naar Nederland. Konden we weer opnieuw beginnen.

Oh ja, ook dit nog. Ergens op zolder hing een vergeten jas die ik ooit tijdens de besmettingsperiode gedragen had. Na een half jaar trok ik hem weer eens aan en prompt na een paar weken hadden we weer beestjes. Ik de gemeentelijke gezondheidsdienst gebeld, die zeiden dat ik helemaal geen schurft kon hebben. Volgens hen was besmetting via kleding enkele maanden nadat schurft in stof was genesteld namelijk niet meer mogelijk. Deden ze dus of ik gek was geworden. Misschien moest ik maar eens naar een psychiater? Dat zeiden ze niet hoor, ik voelde het ze denken, haha! Nou echt, ik heb het zelf ervaren en de gezondheidsdienst haalt kennis uit documentatie of wat dan ook. Weet ik het nou beter of weten zij het?

Deze geschiedenis heeft zich ruim twaalf jaar geleden afgespeeld. Je kunt je vast wel voorstellen dat we zelfs nu nog, na ieder bezoek aan Marokko, een aantal weken in de penarie zitten. Wat als we ‘het’ weer hebben meegenomen? Het beestje nestelt zich dus niet alleen in je huid, maar ook voorgoed in je (onder)bewustzijn. Op een bepaalde manier kom je er dus nooit vanaf en dit verhaal bewijst het ook nog eens.

Van één ding kun je zeker zijn. Schurft brengt een reiniging teweeg. Niet alleen in materieel en fysiek opzicht. Raak je ooit besmet met schurft of neem je het mee uit een land als Marokko, ik verzeker je…alles wordt er schoner van dan ooit!

Een kijkje in de keuken en een mengcultuur in onze hoofdstad